Valuta voor veen

Valuta voor veen

Minder CO2-uitstoot door veengebieden en een nieuw verdienmodel voor boeren. Dat zijn de doelen van het project Valuta voor Veen. In dit project zetten de Natuur en Milieufederaties van de provincies Overijssel, Zuid-Holland, Noord-Holland, Utrecht en Friesland een koolstofbank op waar zogenaamde koolstofcredits op verhandeld kunnen worden.

Kansrijk model voor het veenweidegebied

Het project Valuta voor Veen compenseert agrariërs die hun waterpeil verhogen om de CO₂-uitstoot te verminderen. We spraken met verschillende overheden, kennisinstellingen en belangenorganisaties. Ook hebben we verkend welke maatregelen boeren het beste kunnen nemen om hun percelen te vernatten om bodemdaling en CO₂-uitstoot te verminderen.

Op basis van de uitkomsten concludeerden we dat Valuta voor Veen een kansrijk model is voor het veenweidegebied in het westen van het land. We willen daarom er graag verder mee aan de slag en bereiden daarom een tweede fase voor. Hierin willen we met bedrijven bespreken onder welke voorwaarden zij CO₂-certificaten zouden willen kopen volgens het Valuta voor Veen model. Daarnaast voeren we in de tweede fase verdiepende gesprekken met boeren.

Koolstofcredits

Boeren in veengebieden kunnen deze koolstofcredits verdienen door CO₂-reducerende maatregelen te treffen op hun grond. Aangezien nat veen koolstof beter vast houdt dan droog veen, kunnen de boeren CO₂-uitstoot verminderen door het waterpeil op hun perceel te verhogen. Ook bodemdaling door uitgedroogd veen kan hiermee worden tegengegaan.

Koolstofbank

Via de koolstofbank kunnen boeren hun verdiende koolstofcredits verhandelen aan bedrijven, overheden en particulieren die op vrijwillige basis hun CO₂-uitstoot willen compenseren. Boeren ontvangen zo’n €25 tot €50 euro per credit. De koolstofbank draagt op deze manier niet alleen bij aan het verminderen van de CO₂-uitstoot, het betekent ook een nieuwe inkomstenbron voor boeren.

Meer informatie?