De luchtkwaliteit in 2009 voldeed op veel plaatsen aan de norm, maar waakzaamheid is geboden
De provincie Noord-Holland en de GGD-Amsterdam meten op diverse plaatsen in deze provincie de luchtkwaliteit. Dit doen zij in Amsterdam, de IJmond, de Haarlemmermeer en sinds kort ook in het Westelijk Havengebied. We juichen de inspanningen van de provincie en de gemeente Amsterdam op dit vlak toe, want meten is weten.
In juli zijn de resultaten over 2009 van deze meetnetten gepubliceerd. We zetten de belangrijkste conclusies op een rijtje:
- in de Haarlemmermeer werd op geen enkel meetpunt een normoverschrijding geconstateerd.
- In het Havengebied van Amsterdam werden ook geen normoverschrijdingen aangetoond, behalve bij de Nieuwe Hemweg Centrale hier is nog een normoverschrijding voor fijn stof. Verder blijkt uit windroosbepalingen dat de meetpunten op Hoogtij en de Nieuwe Hemweg beïnvloed worden door activiteiten uit het havengebied. Uit het havengebied komt NO2, fijn stof, SO2 en benzeen/tolueen aanwaaien.
- In Amsterdam vormt NO2 nog steeds een groot probleem. Op alle straatstations wordt de plandrempelwaarde voor NO2 overschreden. De GGD verwacht dat het niet eenvoudig zal zijn om in 2015, wanneer de grenswaarde voor NO2 gaat gelden, aan deze norm in Amsterdam te gaan voldoen. De fijn stof normen worden daarentegen in Amsterdam niet overschreden. Verder blijkt dat het instellen van een 80 km zone bij de A10-West een positief effect heeft op de luchtkwaliteit aldaar.
- In de IJmond werd de norm voor fijn stof en BaP (een PAK- verbinding) ook niet overschreden.
- Voor alle vier de regio’s blijkt dat voor de meeste stoffen de gemeten concentratieniveaus op eenzelfde niveau of in geval van fijn stof zelfs iets lager liggen in vergelijking met voorgaande jaren.
Men zou uit bovenstaande kunnen concluderen dat het luchtkwaliteitsprobleem grotendeels is opgelost, maar volgens ons zou dat een verkeerde conclusie zijn en wel om de volgende redenen: 2009 was een uitzonderlijk jaar, want door de crisis werd er veel minder gewerkt en vervoerd. Zo was in de IJmond de staalproductie van Corus 30% lager in vergelijking met de jaren daarvoor. Corus is een grote bron van fijn stof. Ook het weer in 2009 heeft meegewerkt. Bij een aantrekkende economie en tegenvallende meteo-omstandigheden kan het gunstige beeld zomaar weer ineens omslaan. De metingen van het eerste half jaar in 2010 laten alweer een heel ander beeld zien.
Volgens ons zal het nog steeds een hele opgave worden om op tijd in de IJmond en in Amsterdam aan de normen te gaan voldoen. Voor de IJmond wordt dit steeds prangender omdat fijn stof hier met name een probleem vormt en vanaf 1 juni 2011 moet overal aan de norm voor fijn stof worden voldaan. De luchtmodellen, die een beeld geven van hoe de luchtkwaliteit zich de komende jaren gaat ontwikkelen (rekeninghoudend met alle genomen en te nemen maatregelen) laten zien dat de norm voor fijn stof in de IJmond waarschijnlijk niet gehaald gaat worden. Ook in Amsterdam ligt er nog een heel groot probleem met NO2.
Achterover leunen voor wat betreft de luchtkwaliteitproblematiek is er dus zeker niet bij. Waakzaamheid en het nemen van schone luchtmaatregelen is dus geboden.
r. van arendonk