
Het Havenbedrijf Amsterdam vindt dat alle gemeenten rond het Noordzeekanaalgebied moeten meewerken aan een gezamenlijke visie voor de ontwikkeling van het gebied van IJmuiden tot het nieuwe Eye fotomuseum. De haven moet in de visie van het havenbedrijf op termijn verder worden uitgebreid richting de Houtrakpolder of de Wijkermeerpolder. Met werkgelegenheid als argument verdedigt zij het ruimtebeslag van fossiele energiedragers als olie- en kolenoverslag. Milieuoverlast en risico zijn voor de haven van minder belang.
De Milieufederatie ziet de haven binnen de Metropoolregio als een belangrijke economische motor. Maar zeker niet onomstreden. Naast ruimtegebruik is de haven ook een bron van hinder voor omwonenden.
Veel ruimte in de haven wordt gebruikt voor op- en overslag van benzine en steenkool. Per vierkante meter werken nergens zó weinig mensen als in de op- en overslag van deze producten. De steenkolen in Amsterdam liggen hier voor energiecentrales in Duitsland. De centrales in Duitsland willen steenkool van een bepaalde samenstelling die in Amsterdam wordt gemengd. Ook benzine wordt in Amsterdam gemengd tot de juiste “blend” voor de verschillende klantenregio’s. Wij vragen ons af of dit deel van de metropoolregio, één van de meest dichtbevolkte delen van Europa en de wereld, geschikt is om deze goederen ook op te slaan. Om dit gebied als wachtruimte te gebruiken. Kan de ruimte hier niet beter worden besteed? Het steenkolentijdperk loopt ten einde. Kolen en benzine zijn energiedragers uit het verleden. Een haven die naar de toekomst kijkt, moet ruimte bieden aan nieuwe ondernemers die inspelen op deze toekomst. Voor vernieuwende ondernemers is efficiënt ruimtegebruik vaker een vanzelfsprekendheid.

De ruimte in het Noordzeekanaalgebied is niet oneindig en onbestemd. In de IJmond en Zaanstad wonen meer dan 250.000 mensen die gezond willen leven. In Amsterdam West nog eens 135.000. De bewoners willen gezonde lucht om te ademen en geen zorgen over hun veiligheid.
Recreatiegebied Spaarnwoude heeft 5,5 miljoen bezoekers per jaar op 3.000 hectare. De duinen, de binnenduinrand en de Stelling van Amsterdam doorsnijden het Noordzeekanaal enbeschermde bewoners zoals de watervleermuis, de grutto en de Noordse woelmuis maken het gebied een bijzondere plek om te vertoeven.
Kortom, naast bedrijvigheid, zijn ook gezond wonen, ontspannen en natuur belangrijke voorwaarden voor een duurzame economische groei van de metropoolregio Amsterdam. Alleen in het Noordzeekanaalgebied zie je zoveel tegenstrijdigheden; omsingeld door vliegtuigen en zeeschepen sla je hier een golfballetje voor de rust. En dat maakt het gebied zo uniek en intens.
En de samenwerking?
Nederland, Europa en de wereld zijn zo klein en druk geworden dat het vormen van een succesvolle realistische visie niet langer door één partij met een enkel belang gedragen kan worden. Samenwerking is een vanzelfsprekende vereiste. Ook het havenbedrijf ziet dat wel in. Maar samenwerking gaat verder dan het betrekken van overheden, een klankbordgroep of bijvoorbeeld het inventariseren van meningen doormiddel van een fotowedstrijd. MNH vindt dat een duurzaam, toekomstbestendig plan voor het Noordzeekanaalgebied alleen kan ontstaan wanneer overheden, havenbedrijf én maatschappelijke organisaties, burgers en vernieuwende ondernemers samen naar de toekomst kijken. Tijdens het visievormende proces moeten we al kennis nemen van elkaars standpunten om vervolgens de handen ineen te kunnen slaan. Samen moeten we op zoek naar een toekomst waarin het niet alleen goed werken is in het Noordzeekanaalgebied, maar ook goed wonen en recreëren. Alleen met voldoende draagvlak kunnen we de inrichting van dit gebied daadwerkelijk duurzaam gestalte geven. Wij willen met de mensen, natuurorganisaties én het bedrijfsleven in het Noordzeekanaal de dialoog voeren om samen de toekomst in te gaan.
Juriaan Jansen